Hun staat een eeuwige bestraffing te wachten, de rechtvaardigen daarentegen het eeuwige leven.
Eeuwig
Jezus eindigt zijn verhaal door nog eens het toekomstperspectief aan te wijzen van de twee wegen die hij heeft laten zien. Als je aan zijn linkerhand terechtkomt, dan wacht je een eeuwige bestraffing. Dat moeten we niet alleen naar de verre toekomst plaatsen: de eeuwige bestraffing is ook nu al realiteit, ook al ervaar je dat niet. Want er is niets ergers dan leven buiten de invloedssfeer van koning Jezus. Als je aan de rechterhand van Jezus mag staan in de toekomst, dan sta je dat nu in wezen ook al: want wie Jezus kent en hem als koning erkent, heeft nu al eeuwig leven. Dat eeuwige leven is dit: de overvloed van zijn koninkrijk kennen.
Heer, ik verlang ernaar om eeuwig te leven, ook nu al. Laat me de overvloed van uw koninkrijk steeds meer zien en beleven.