U hebt de Geest niet ontvangen om opnieuw als slaven in angst te leven, u hebt de Geest ontvangen om Gods kinderen te zijn, en om hem te kunnen aanroepen met ‘Abba, Vader’.
Geen slaaf maar kind
Wat laat ik me soms leiden door angst. Angst dat ik afgewezen wordt. Angst om mijn leven uit handen te geven. Angst om eerlijk te zeggen wat er echt in mij leeft. Angst om werkelijke verbondenheid te zoeken met de ander. Angst dat ik mijn leven niet langer onder controle heb. En dat is allemaal pure slavernij. Het is een teken dat ik de Vader niet ken zoals hij is. Het is een teken dat ik niet werkelijk weet en ervaar wat het betekent om kind van God te zijn. Juist daarvoor hebben we de Geest ontvangen: om Gods kind te zijn, om niet langer door angst gedreven maar door Gods onvoorwaardelijke liefde omringd te worden, om hem aan te roepen: ‘Abba, Vader!’
Abba, Vader, verlos me van mijn angst en leer me in de vrijheid van het kind-zijn te leven.